Project

Zorgspectrum Het Zand, Moniek Beltman: tracen hulpmiddelen moet minder ergernissen en flinke kostenreductie opleveren

Hulpmiddelen raken wel eens zoek. Een anti decubitus matras was de aanleiding voor Zorgspectrum Het Zand een pilot te starten om dit soort middelen te traceren. Moniek Beltman, regisseur Zorginnovatie bij Het Zand, vertelt erover.

“We kwamen erachter dat een matras werd ingezet bij een cliënt die deze helemaal niet nodig had. Dat er wellicht meerdere matrassen en ook andere hulpmiddelen onnodig werden gebruikt of ingezet, was de aanleiding van de pilot om dit soort middelen in kaart te willen brengen. Het initiatief de pilot te starten, kwam van onze afdeling inkoop en het magazijn. Eerst wordt gekeken welke hulpmiddelen we willen volgen. We denken nu aan tilliften, anti decubitus matrassen, bladderscans, beensteunen. Deze worden voorzien van een sensor en gekoppeld met zogenaamde locators in de verschillende ruimtes. Via een app of op de website kunnen we de gegevens zien waar het hulpmiddel is, hoe vaak het gebruikt wordt en hoe vaak het verplaatst wordt.”

Meer tijd voor de cliënt

Minder ergernissen, zoektijd en uiteindelijk minder kosten is wat Moniek ervan verwacht: “We denken dat het ons gaat helpen minder zoektijd te hebben naar de middelen. We hebben 6 locaties, waarvan 4 buiten Zwolle. Reken dan maar eens uit hoeveel tijd het scheelt als je precies weet waar wat staat. Niet alleen wanneer een cliënt het middel nodig heeft, maar bijvoorbeeld ook wanneer het hulpmiddel onderhoud nodig heeft. Voor de medewerkers is het erg prettig dat ze niet onnodig veel tijd kwijt zijn met zoeken. Het scheelt een hoop ergernissen. En daardoor is er meer tijd voor de cliënt. Bovendien verwachten we een flinke kostenreductie. Misschien worden er nu onnodig hulpmiddelen aangeschaft of gehuurd. De verwachtingen zijn nu nog gebaseerd op aannames. Wel zijn we wezen kijken bij Isala in Zwolle die een tijd geleden eenzelfde project is gestart. En daar waren ze er tevreden over.” In september wordt bekend of er met de pilot daadwerkelijk gestart wordt voor een aantal maanden. Spannend vindt Moniek het wel. “Het is de algemene ervaring dat techniek kan helpen, maar dat het soms ook niet werkt. We hopen met de resultaten van de pilot daar inzichten in te zullen krijgen.”

Skip to content